Samenvatting
Deel VI van het CRID-cahier over vrije software en het recht. Vrije software wordt meestal via internet verspreid, vaak geautomatiseerd, waardoor ze moeilijk aan één land te verbinden is. Het hoofdstuk onderzoekt de vragen voor de auteur van vrije software die voor de Belgische rechter vergoeding vordert wegens schending van de licentie of inbreuk op het auteursrecht: internationale bevoegdheid volgens de Brussel I-verordening, de positie van buitenlanders, het toepasselijk recht op de licentie (Verdrag van Rome van 1980), op het auteursrecht en op de inbreuk, en de erkenning van vonnissen. Het beveelt forum- en rechtskeuzebedingen aan die naar de woonplaats van de licentiegever verwijzen, zoals in de OSL, waarschuwt voor bedingen die één vast land aanwijzen en raadt auteurs van wijzigingen aan zulke bedingen toe te voegen.
Referentie
H. Haouideg, « Les logiciels libres et le droit international privé », Les logiciels libres face au droit, Cahiers du CRID, n° 25, Bruylant, 2005, p. 227-262.